Zo leidt PSV talenten op: binnen de jeugdopleiding op De Herdgang
De jeugdopleiding van PSV draait opvallend sterk om één uitgangspunt: niet het team, maar de ontwikkeling van de individuele speler staat centraal. Van specifieke techniektraining en huiswerk met de bal tot motorische oefeningen, mentale begeleiding en maandelijkse fysieke tests: op De Herdgang wordt op verschillende manieren geprobeerd talenten klaar te stomen voor het profvoetbal.
Redactie Nederland
Eredivisie, Oranje en Nederlands voetbal
De jeugdopleiding van PSV draait opvallend sterk om één uitgangspunt: niet het team, maar de ontwikkeling van de individuele speler staat centraal. Van specifieke techniektraining en huiswerk met de bal tot motorische oefeningen, mentale begeleiding en maandelijkse fysieke tests: op De Herdgang wordt op verschillende manieren geprobeerd talenten klaar te stomen voor het profvoetbal.
Een uitgebreide blik achter de schermen bij de PSV Academy laat zien hoe ver die individuele aanpak gaat. Jeugdspelers krijgen een eigen ontwikkelplan, werken met mentoren en kunnen zelfs in een andere leeftijdscategorie terechtkomen als dat beter aansluit bij hun ontwikkeling.
Individueel ontwikkelplan als rode draad
Het Individual Development Plan, kortweg IDP, vormt een belangrijk onderdeel van de opleiding. Spelers werken gedurende de week aan hun sterke en zwakke punten. Tijdens specifieke veldtrainingen worden spelers verdeeld over kleine groepen en gekoppeld aan trainers die gespecialiseerd zijn in het betreffende onderdeel.
Voor een aanvaller kan dat bijvoorbeeld afwerken zijn, terwijl buitenspelers aan één-tegen-één-situaties werken en verdedigers zich richten op het verdedigen van hun directe tegenstander. Vervolgens worden de afzonderlijk geoefende onderdelen weer samengebracht in wedstrijdvormen met weerstand.
Die individuele benadering stopt niet bij het trainingsveld. Spelers hebben mentoren en worden niet automatisch behandeld als onderdeel van één vast team. De coaches bespreken de ontwikkeling van individuele spelers en kunnen een talent in een andere leeftijdscategorie laten spelen wanneer dat beter aansluit bij zijn ontwikkelplan.
Het uiteindelijke doel is duidelijk: niet primair een zo sterk mogelijk jeugdteam creëren, maar individuele spelers afleveren die uiteindelijk het eerste elftal kunnen bereiken.
PSV wil sterke eigenschappen nóg sterker maken
Opvallend is dat PSV niet alleen probeert zwakke punten weg te werken. Een belangrijk uitgangspunt is juist het verder ontwikkelen van de kwaliteit waarmee een speler zich onderscheidt.
Een sterke dribbelaar moet bijvoorbeeld ook leren wanneer passen de betere oplossing is, maar zijn dribbel mag niet verdwijnen doordat alle aandacht naar zijn zwakkere onderdelen gaat. Juist die uitzonderlijke kwaliteit kan uiteindelijk de reden zijn waarom hij het eerste elftal haalt.
Dat leidt tot trainingen waarin spelers bewust zowel in hun kracht als buiten hun comfortzone worden gezet. Passers worden uitgedaagd om te dribbelen en dribbelaars moeten leren wanneer ze juist moeten combineren.
Binnen die technische ontwikkeling wordt bovendien niet uitsluitend vanuit traditionele posities gedacht. PSV kijkt naar de ruimtes waarin spelers terechtkomen en naar de oplossingen die zij daar nodig hebben. Het creëren van overtallen en herkennen waar een speler zijn kwaliteiten kan gebruiken, spelen daarbij een belangrijke rol.
Techniek trainen met de PSV Skill Box
Voor de technische ontwikkeling beschikt PSV over een eigen Skill Box. Daarin zit een grote verzameling oefeningen waarmee jeugdspelers hun techniek kunnen verbeteren.
De spelers krijgen onder meer videohuiswerk toegestuurd. Ze kunnen thuis oefeningen uitvoeren en zichzelf daarbij filmen. Dat is niet simpelweg een verplicht huiswerkprogramma. Ook de manier waarop een speler ermee omgaat, kan trainers extra informatie geven over zijn ontwikkeling en motivatie.
De Skill Box bevat tientallen technische oefeningen. Ball mastery wordt onder meer gebruikt om ritme, motoriek en het gebruik van verschillende delen van de voet te ontwikkelen. Daarna wordt de moeilijkheid opgevoerd naar situaties als één-tegen-één, twee-tegen-één en drie-tegen-twee, met uiteindelijk de wedstrijd als eindpunt.
Daarmee probeert PSV techniek niet los te zien van het spel. Een speler moet onder verschillende vormen van druk kunnen herkennen welke technische oplossing nodig is.
Jonge PSV'ers doen bewust ook andere sporten
Nog voordat spelers de laatste fase van de opleiding bereiken, besteedt PSV veel tijd aan algemene motorische ontwikkeling.
Bij de jongste leeftijdsgroepen staan daarom niet alleen voetbalvormen op het programma. Ook sporten als handbal en unihockey worden gebruikt. Het idee daarachter is dat bewegingspatronen uit andere sporten later waarde kunnen hebben in het voetbal.
Het ritme en springen bij handbal kan bijvoorbeeld terugkomen bij een kopduel. Voor spelers van Onder 9 tot en met Onder 12 gaat het om drie sessies van dertig minuten per week. Bij Onder 13 en Onder 14 gaat het om twee keer 45 minuten.
Competitie wordt bewust in die oefeningen verwerkt. De spelers zijn tenslotte naar PSV gekomen om te voetballen; door wedstrijdvormen toe te voegen probeert de staf ook niet-voetbalspecifieke oefeningen aantrekkelijk te houden.
PSV meet talent al vanaf jonge leeftijd
Naast technische en motorische ontwikkeling speelt sportwetenschap een serieuze rol binnen de opleiding.
Jurrit Sanders, Lead Academy Sports Scientist bij PSV, legt uit dat jonge spelers maandelijks worden getest. Daarbij worden leeftijdsgroepen van ongeveer zestig tot tachtig spelers samengebracht en worden onder meer sprinttests, verspringen en hand-oogcoördinatietests uitgevoerd.
PSV gebruikt die gegevens niet alleen om de actuele ontwikkeling te volgen. De club onderzoekt daarmee ook waarom de ene speler verder doorstroomt binnen de opleiding en de andere uiteindelijk afvalt.
Volgens Sanders ontstaat daarbij een duidelijk patroon. Spelers die verder komen presteren volgens hem op vrijwel alle gemeten onderdelen beter. Hij noemt onder meer snelheid, wendbaarheid, arbeidsethos, leervermogen en algemene bewegingskwaliteit. Technische vaardigheden zijn volgens hem lastiger objectief te meten.
Sanders benadrukt tegelijkertijd dat ontwikkeling grenzen kent. PSV kan een speler sneller en beter proberen te maken, maar voor bepaalde kwaliteiten is volgens hem een minimaal basisniveau nodig.
Arbeidsethos en leervermogen zijn moeilijker te meten
Juist twee eigenschappen die PSV belangrijk vindt, blijken lastiger in cijfers te vangen: arbeidsethos en leervermogen.
Sanders noemt beide relevant voor talentidentificatie. PSV zoekt daarom naar manieren om al op jonge leeftijd beter te kunnen vaststellen hoe spelers op die gebieden verschillen.
Dat sluit aan bij wat binnen de bovenbouw van de opleiding wordt gezien. Naarmate de stap naar Jong PSV en het eerste elftal dichterbij komt, wordt mentaliteit steeds belangrijker.
De spelers die deze fase bereiken kunnen allemaal voetballen. Het vermogen om voortdurend te trainen, veel wedstrijden op hoog niveau te spelen, met druk om te gaan en telkens opnieuw te presteren kan vervolgens het verschil maken.
Intrinsieke motivatie als voorwaarde voor de top
Dat onderwerp komt op meerdere plekken binnen de opleiding terug.
Bij de oudere jeugd wordt benadrukt dat één goede wedstrijd niet genoeg is. Een speler die op zaterdag drie keer scoort, moet een week later opnieuw kunnen presteren. Die dagelijkse en wekelijkse stabiliteit vormt een belangrijk verschil tussen jeugdvoetbal en de professionele omgeving.
Daarbij wordt intrinsieke motivatie als cruciaal gezien. De beste spelers hebben niet voortdurend een trainer nodig die hen aanspoort om beter te worden. Ze vinden zelf nieuwe prikkels om iedere dag opnieuw te presteren.
Dat levert binnen een moderne topopleiding tegelijkertijd een interessante uitdaging op. Jeugdspelers krijgen uitstekende faciliteiten, trainers en ondersteuning. Daardoor kan zo'n omgeving voor een jong talent vanzelfsprekend gaan voelen.
PSV probeert spelers daarom niet alleen voetbaltechnisch te ontwikkelen, maar hen ook steeds meer verantwoordelijkheid voor hun eigen ontwikkeling te laten nemen.
De PSV-speler: technisch, slim, aanvallend en dominant
Alle individuele programma's moeten uiteindelijk wel passen binnen de voetbalidentiteit van PSV.
Van jeugdspelers wordt verwacht dat ze vooruit denken, snel oplossingen vinden en zich kunnen aanpassen. Daarnaast worden moed, aanvallend voetbal en dominantie genoemd als kenmerken die PSV op het veld wil terugzien.
Tegelijkertijd speelt de historische identiteit van de club een rol: hard werken, bescheidenheid en gezamenlijk reageren wanneer het tegenzit.
Het interessante aan de opleiding is daardoor juist de combinatie. PSV probeert geen elf identieke spelers voort te brengen. Iedere speler krijgt ruimte om een uitzonderlijke individuele kwaliteit te ontwikkelen, maar moet tegelijkertijd voldoende complete vaardigheden, tactisch begrip, fysieke voorwaarden en mentale weerbaarheid bezitten om uiteindelijk binnen het voetbal van PSV te functioneren.
De weg van De Herdgang naar het Philips Stadion bestaat daarmee uit veel meer dan goed kunnen voetballen. Techniek wordt geoefend, beweging wordt ontwikkeld, prestaties worden gemeten en spelers worden individueel begeleid. Uiteindelijk moet het talent zelf echter iedere dag opnieuw de motivatie vinden om beter te worden.