La TribunaInterview

Yari Verschaeren: „Ik heb veel gegeven voor Anderlecht, soms ten koste van mezelf”

Yari Verschaeren blikt terug op zijn periode bij Anderlecht en zegt dat hij veel voor de club heeft willen geven, soms ten koste van zichzelf; hij noemt blessures, dertien trainers in acht jaar en zelfkritiek als bepalende factoren.

BE

Redactie België

Jupiler Pro League en Belgisch voetbal

1 minuut leestijd

Verschaeren beschrijft zijn start in de A-ploeg als indrukwekkend en erkent dat de jaren daarna niet liepen zoals hij had gehoopt. Hij geeft aan dat zware blessures een rol speelden in die ontwikkeling: „Het is de jaren nadien, mede door zware blessures, niet gegaan zoals ik dat gehoopt had.”

Tegelijk reageert hij op kritiek dat hij soms uitgeblust overkwam en te weinig pit had. „Ik heb net héél veel willen geven aan Anderlecht, soms ten koste van mezelf,” zegt hij, maar hij noemt zichzelf ook zelfkritisch: „Het was bij momenten niet voldoende. Dat ligt grotendeels aan mezelf.”

Een ander terugkerend element in zijn verhaal is de grote wisselstroom van trainers: in acht jaar maakte hij dertien trainers mee. Verschaeren stelt dat die voortdurende wisselingen en het steeds moeten aanpassen duidelijk impact hadden, onder meer omdat niet elke coach hem op zijn beste positie zette. Hij zegt dat hij vaak op andere posities is gebruikt, terwijl hij op zijn best is als spelmaker.

Verschaeren vertelt verder dat de hoge verwachtingen en de manier waarop er snel over hem geconcludeerd werd hem hebben beziggehouden. Hij had in zijn eerste jaar gesprekken met een psycholoog vanwege de intensiteit van zijn leven als jonge prof en zegt achteraf dat hij daar misschien langer gebruik van had moeten maken. Hij sluit af met de onderstreping van zijn band met de club: „Anderlecht zit in mijn hart, de club heeft me gevormd. Ik wilde daar iets voor teruggeven. Een trofee winnen.”