La TribunaVoetbalnieuws

Oplopende schulden beperken Feyenoords slagkracht op transfermarkt

De jaarrekening geeft aan dat de balanswaarden en een negatief werkkapitaal de financiële ruimte van Feyenoord voor transfers onder druk zetten. De club investeerde fors in 2025-2026, maar loopt ook tegen oplopende kortlopende en langlopende verplichtingen aan.

NL

Redactie Nederland

Eredivisie, Oranje en Nederlands voetbal

1 minuut leestijd

In de toelichting op de jaarrekening wordt de balans als wezenlijk onderdeel genoemd voor de beoordeling door de KNVB, waarbij indicatoren als solvabiliteit en werkkapitaal een belangrijke rol spelen. Feyenoord heeft volgens de stukken in de loop der jaren bijna 168 miljoen euro geïnvesteerd in de selectie op balansdatum; een seizoen eerder was dat nog 132 miljoen euro. Van die investeringen staat nog een schuld van bijna 71 miljoen euro open, waarvan circa 36 miljoen euro in het lopende seizoen moet worden voldaan.

Boekwaarde, afschrijvingen en transfers

De boekwaarde van de spelersgroep bedroeg per 30 juni 2026 circa 88 miljoen euro, na cumulatieve afschrijvingen van ongeveer 80 miljoen euro op de oorspronkelijke aanschafwaarde. Op basis van de mutaties na balansdatum leverden vertrekkende spelers gezamenlijk een positief resultaat van 19 miljoen euro op, wat de boekwaarde na de transferzomer doet dalen. In de jaarrekening is een bandbreedte van circa 75–80 miljoen euro genoemd voor de geschatte boekwaarde van de selectie na afloop van de transferzomer.

Voor ruim 14 miljoen euro zijn bijzondere waardeverminderingen verantwoord; een seizoen eerder was dat bijna 12 miljoen euro. In de stukken wordt onder meer vermeld dat afwaarderingen aannemelijk zijn voor spelers als Calvin Stengs, Luka Ivanušec, Neraysho Kasanwirjo, Jeyland Mitchell, Jordan Lotomba en Gonçalo Borges, waarvan de mogelijke marktwaarde volgens Transfermarkt.nl substantieel lager ligt dan de balanswaarde.

De jaarrekening noemt verder dat de investeringen in 2025-2026 uitkwamen op 90,3 miljoen euro, tegenover 67,5 miljoen euro een jaar eerder. Bij die investeringen hoort een lijst met aangetrokken spelers die deels vóór en deels na balansdatum zijn vastgelegd. Ook stelt de club de voorwaardelijke verplichtingen op maximaal 13,2 miljoen euro op balansdatum.

Het werkkapitaal is de laatste seizoenen zwaar negatief gebleven en wordt in de jaarstukken expliciet als een ‘zorgenkind’ bestempeld. Sinds 2021 zijn de kortlopende verplichtingen met ruim 80 miljoen euro toegenomen, terwijl de kortlopende vorderingen en liquide middelen met circa 46 miljoen euro stegen. Door een wijziging in rubricering zijn sommige verplichtingen als transferverplichtingen opgenomen om het inzicht te verbeteren.

Om de liquiditeitspositie te ondersteunen is de doorlopende kredietfaciliteit bij ABN-AMRO in februari 2026 verlengd en verhoogd van 6,25 naar 10 miljoen euro. De jaarrekening stelt dat deelname aan de Champions League tijdelijke verlichting in de liquiditeit bracht door uitbetalingen van startpremies.

De combinatie van structureel negatief werkkapitaal en oplopende schulden beperkt volgens de stukken de financiële slagkracht van de club op de transfermarkt en maakt het noodzakelijk om financiering op langere termijn te zoeken. De langlopende schulden bedroegen eind juni 2026 55,1 miljoen euro.

Lees verder