KRC Genk koos vroeg voor aanval en vulde later gaten dankzij uitgaande transfers
KRC Genk investeerde tijdens de slotfase van de transferperiode eerst vooral in de aanval en gaf daar meteen grote middelen aan uit. CEO Peter Croonen zegt bij Het Belang van Limburg dat die vroege offensieve aanpak en later binnenkomende transfersommen ruimte gaven om ook op andere posities door te pakken.
Redactie België
Jupiler Pro League en Belgisch voetbal
De mindere seizoensstart leidde bij KRC Genk niet tot paniek, maar wel tot een duidelijke transferstrategie, stelt CEO Peter Croonen. De club besloot niet te wachten tot het einde van de transfermarkt en schakelde vroeg in om de offensieve linies te versterken. Genk haalde onder meer Durosinmi, Erenbjerg en Afriyie binnen.
"We hadden een duidelijk plan: we kozen ervoor om heel snel te handelen op offensief vlak en hebben daar meteen grote middelen ingezet", verklaart Croonen. Die keuze was bedoeld om snel te reageren op sportieve noden, maar maakte de verdere samenstelling van de selectie deels afhankelijk van inkomsten uit uitgaande transfers.
Croonen zegt dat er pas laat duidelijkheid kwam over de transfer van El Ouahdi, in tegenstelling tot het vertrek van Karetsas. Daardoor bleef een belangrijk deel van de financiële puzzel lange tijd onvolledig en moest de club wachten op inkomsten uit vertrekkende spelers om het plaatje te vullen.
Ook de transfersom die Liverpool betaalde voor Brughmans speelde volgens Croonen een rol: "De stevige som, die Liverpool ook nog eens over had voor Brughmans, gaf ons uiteindelijk de ruimte om ook op andere posities door te pakken." Zo bestond Genks transferstrategie uit een combinatie van vroege offensieve investeringen en latere financiële ruimte dankzij uitgaande transfers.