Juve tegen Milan: per positie de dilemma’s — Maignan of Vicario, Ramos of Muani?
In het Allianz Stadium staat een kraker op het programma waarin Juventus en AC Milan elkaar per linie aftasten: van doelmannen tot spitsen. Beide trainers komen terug van twee competitiezeges, maar Juve worstelde met afronding en Milan moet nog aan defensieve mechanismen werken.
Redactie Italië
Serie A en Italiaans voetbal
De confrontatie tussen Juventus en Milan is niet alleen een clash tussen twee clubs, maar ook tussen twee verschillende trainersprofielen en speelstijlen. De ene coach heeft ruim twintig seizoenen ervaring in de Serie A, de andere is recent naar Italië gekomen na periodes in Portugal en de Premier League. Beide leggen de nadruk op aanvallend voetbal, maar op verschillende manieren: bij Luciano staan balbezit en herdrukken centraal, bij Ruben de felle pressing.
Trainers, eerste indrukken en wedstrijdbeeld
De eerste twee competitiewedstrijden bevestigden enkele trends: Juventus lijkt te kampen met problemen in de afronding, terwijl Milan ruimte heeft om zijn defensieve organisatie scherper te krijgen. Op de positie van doelman vallen twee verschillende carrières op: Mike Maignan, kampioen in 2022 en vaste keus bij de Franse nationale ploeg, oogt als de meer ervaren en minder jonge optie; Guglielmo Vicario kan zich beroemen op de Europa League-titel die hij in 2025 in een hoofdrol met Tottenham won. Die achtergrondschetsen bepalen voor een groot deel de keuze onder de lat.
Achter- en middenveldduels, vleugelaanpak en creatieve schakels
Op de flanken en in de defensie duiken vele bijna-gelijke profielen op. Kalulu en Gila lijken vergelijkbaar qua positie en bepaalde kenmerken: Kalulu was bij Milan een vleugelverdediger — de rol die Gila momenteel vervult — en bij Juventus keerde hij terug als linksback, de positie waarin hij oorspronkelijk speelde toen Milan hem haalde. In de confrontatie tussen Bremer en KDW speelt ook timing een rol: Bremer en De Winter misten elkaar met tien dagen; op 10 juli 2022 werd KDW door Juve uitgeleend aan Empoli, op 20 juli sloot Juve de deal met Toro voor Bremer. Het fysieke duel tussen zulke centrales vraagt om moed om je erin te mengen.
Marktduels en recente transfers kleuren andere duels: Pavlovic kwam twee jaar geleden naar Milan en liep het risico elders te belanden, terwijl Lucumí recent bij Juventus tekende. Celik en Moreira vormen een nicheprofielen — spelers waar men vaak met enige achterdocht naar kijkt. Op de flanken zijn Chico en Chuk brede rechtsbuitens met één doel: een back aanspelen en in verlegenheid brengen; dat lukt ze vaak.
In het middenveld zijn de contrasten duidelijk: Musah, weliswaar in New York geboren maar opgegroeid in Castelfranco Veneto, staat tegenover jongens als Locatelli, die als kind bij het Comomeer op doel schoot. Douglas Luiz en Luka Modrić brengen voeten en ideeën, al is de vraag of zij altijd op honderd procent staan. Rabiot en Nico González brachten juni en juli op dezelfde plek door — in Amerika — en zijn internationale spelers met belangrijke rollen voor hun nationale teams.
Voorin rijst de klassieke spitsvraag: wat heeft de voorkeur, de nummer 9 die het strafschopgebied bezet of degene die beweging creëert voor ploeggenoten? Gonçalo Ramos en Kolo Muani hebben kwaliteiten om beide typen supporters tevreden te stellen: beweging en nut voor de ploeg staan beide op hun palet. Daarnaast kwamen Boga en Saelemaekers opduiken als spelers die men niet onmiddellijk als basisspeler verwachtte, maar die toch een rol van betekenis vervullen.